Huisje, tuintje, boompje: nog steeds het ideaal anno 2019?

Huisje, tuintje, boompje

Geschreven door Renaud Chaudoir op 14 oktober 2019

Nog steeds het ideaal anno 2019?

Een eigen gezinswoning en liefst zo groot mogelijk: jarenlang is dat hét ideaal geweest voor de Vlaming. Maar vandaag is het niet meer zo evident om voluit te kiezen voor een ruime vrijstaande woning omringd door veel groen. Niet alleen is er om ecologische redenen heel wat kritiek op deze woonstijl, met een prijsstijging van 4,7% in enkele jaren tijd, wordt het voor jonge gezinnen ook almaar moeilijker om zich zo’n woning te kunnen veroorloven. Betekent dit het definitieve einde van huisje, tuintje, boompje?

Huisje, tuintje, boompje: nog steeds het ideaal anno 2019?

Negen voetbalvelden beton

Er was een tijd dat er geen maat stond op de bouwdrift in Vlaanderen. Fermettes, villa’s en andere grote woningen doken zomaar op in het landschap, zonder weldoordacht plan. Dagelijks werden er ruim negen voetbalvelden vers beton uitgestort om te voldoen aan de bouwhonger van de Vlaming. De spreekwoordelijke baksteen in onze maag was bijzonder concreet.

Deze cultuur van ongebreideld verkavelen was ontstaan na de Tweede Wereldoorlog en had zich verder ontwikkeld tijdens het vooruitgangsoptimisme van de jaren zestig en zeventig. Het groen moest wijken ten voordele van de bouwdroom van de Vlaming. Veel regels waren er niet, getuige de diversiteit – zeg maar chaos – aan bouwstijlen die je overal ziet.

Het einde van huisje, tuintje, boompje?

Vandaag, enkele decennia later, duiken er steeds meer stemmen op die vinden dat het welletjes is geweest met het ondoordacht aansnijden van open ruimte. Zo is de Vlaamse Bouwmeester Leo Van Broeck een hevige pleitbezorger voor een manier van wonen die minder ruimte inneemt. Zijn voorstel is om volop in te zetten op verdichting en de voorkeur te geven aan gebouwen met meerdere woonlagen in de centra van steden en dorpen. Op die manier kan wonen terug duurzamer worden. Er zouden minder vervuilende verplaatsingen met de wagen nodig zijn en de nutsvoorzieningen zouden niet meer tot bij her en der verspreide woningen moeten worden getrokken. Dat alles klinkt weliswaar logisch, maar het druist in tegen de aard van heel wat Vlamingen die nog steeds de voorkeur geven aan vrijstaande woningen.

Of bye bye, betonstop?

Vorige zomer besliste de vorige Vlaamse regering dat er een zogenaamde betonstop moet komen. Die maatregel, een project van toenmalig minister van Omgeving Joke Schauvliege (CD&V) zou paal en perk stellen aan de versnippering van het Vlaamse landschap. De aankondiging van die maatregel zorgde evenwel meteen voor een omgekeerd effect: het aantal bouwaanvragen steeg met 32 procent en de kritiek was niet van de lucht. Milieuverenigingen zoals Natuurpunt vonden dat de aangekondigde betonstop niet ver genoeg ging, terwijl heel wat Vlamingen zich bedreigd voelden in hun bouwlust. Het ideaal van huisje, tuintje, boompje lijkt diep in onze volksaard ingebakken.

Intussen is de bouwstop zoals Schauvliege die voor ogen had van de baan. Omdat het wachten bleef op een milieueffectenrapport (MER) voor twee decreten die gekoppeld zijn aan de maatregel, is de betonstop niet goedgekeurd geraakt in de legislatuur van de vorige Vlaamse regering. In het regeerakkoord van de nieuwe Vlaamse regering onder leiding van Jan Jambon (N-VA) is er geen sprake meer van een betonstop, maar van een bouwshift. Wat die concreet zal inhouden, valt nog af te wachten. Wel is al geweten dat het eigendomsrecht overeind blijft: wie van de bouwshift nadeel ondervindt, wordt financieel gecompenseerd.

Almaar meer nieuwe woonvormen

Toch betekent dit niet dat we ons niet meer en meer bewust worden van het feit dat we anders moeten gaan wonen. Nieuwe woonvormen, zoals cohousing of co-wonen, zijn vandaag dan ook geen uitzondering meer.  Ook zie je in dorpen almaar vaker appartementen oprijzen. Betonstop of niet, de bouwsector ziet vandaag al heel wat opportuniteiten buiten de traditionele vrijstaande woning.

Lexicon